Robin Hood in Reverse

 

De feestperiode toont zijn lange staart. Op zes januari wordt de kerstdecoratie zorgvuldig opgeborgen en nemen de drie wijzen het wel weer van ons over. Voor de overvloed aan nutteloze cadeaus geldt vandaag echter een andere (schijnbare) wijsheid: “Wie kringt, die wint!” Een waarheid als een koe, maar de koe schrikt want er zit een addertje onder het gras. Ze slaat op hol en verplettert alles op haar weg. De kringwinkels slagen er namelijk in mensen te doen geloven dat hun strategie enkel voordelen (minder afval, sociaal, …) oplevert en geen nadelen heeft.

Het is een erg constructief en menslievend principe om mensen die niet zomaar terecht kunnen op de reguliere arbeidsmarkt, eerst een soort opleiding te geven in de Kringwinkel. Jezus verdeelde op miraculeuze wijze vijf broden en twee vissen, de Kringwinkel is net iets ambitieuzer en wil de mensen zelf leren vissen. Ik zou daar dan wel graag eens cijfers van willen zien want ik kan me niet inbeelden dat de sloffende, slepende houding van sommige werknemers daar een voorbereiding kan zijn op de – helaas – super concurrentiële, onbeschermde werkvloer. Het basisinkomen kan er niet snel genoeg komen, maar tot dan zal het niet makkelijk zijn om als mens een onvermoeibare, supersonische machine rendabel bij te houden.

Voorlopig kan dat in lage loonlanden – wederom helaas – nog wel, maar die dagen zijn geteld. Of beter: niet geteld maar ze zijn wel eindig en daarmee die van de Kringwinkel bijgevolg ook. Het bestaan van de Kringwinkel teert immers net zo goed op die slavenarbeid als elke andere goederen-verkopende instantie. Het overaanbod aan textiel is er immers enkel doordat die textiel door de schenker niet werd aangekocht aan de echte kostprijs. Van zodra de Vlaming die echte prijs zou moeten betalen, zou het kledingstuk tot op de naad versleten worden om vervolgens als handdoek te worden gebruikt, dan als rag en … het zou in ieder geval te ver gedowncycled worden om nog in aanmerking te komen als verkoopbaar item. Laat staan dat men het gratis weg geeft.

De huidige kostprijs houdt geen rekening met dat

  • een naaister in Bangladesh zo’n vier keer te weinig verdient.
  • een naaister in Bangladesh veel betere arbeidsomstandigheden verdient!
  • voor de katoenteelt immense hoeveelheden kankerverwekkende pesticiden worden gebruikt.
  • een katoenboer in India veel betere arbeidsomstandigheden verdient.
  • zo’n T-shirt de wereld rond moet in een vrachtschip dat geen heffing betaalt op de meest vervuilende der brandstoffen (bunker fuel)
  • de kost van de gezondheidszorg veroorzaakt door de milieuverontreiniging dient betaald te worden

Onze melkboer en de Indiase katoenboer zitten trouwens een beetje in hetzelfde schuitje. De huidige winst wordt namelijk gemaakt door gigantische marges in de retail, zo’n 60% mark-up. Zoals ik al eerder vermeldde, is de egoïstische aard eigen aan het levend individu maar het is wel een beetje flauw om zich te verschuilen achter het excuus dat consumenten concurrentiële prijzen willen en dat je daarom geen graantje meer wilt geven aan de producent (van melk of katoen) terwijl je zelf een volle silo neemt. Shit rolls downhill: koeien of katoenboeren … als er profijt valt te rapen en we de miserie niet zien zenden we de stront zonder aarzelen en zonder rem de dieperik in.

Dat is een ander punt waaraan de Kringwinkel zich schuldig maakt. Net zoals de beschutte werkplaats is het een soort van parallelle economie. Een beschutte werkplaats roept bij sommige misschien beelden op van depressieve mensen of kwijlende, simpele zielen die doosjes vouwen of bonen sorteren, maar daar is geen vraag meer naar. Beschutte werkplaatsen leveren tegenwoordig een zeer professioneel resultaat af tegen een concurrentieel oneerlijke prijs. Let wel, ik vind het super dat mensen die het moeilijk hebben, geholpen worden. De steun voor alternatieve werkplaatsen mag er echter niet voor zorgen dat reguliere bedrijven uit de markt geprijsd worden. Op die manier wordt de prijs artificieel, onhoudbaar naar beneden gedreven en komt er veel meer druk op de doorsnee arbeider of bediende in de doorsnee onderneming. Ik val in herhaling, maar het is dan ook mijn credo: wat je aan één iemand geeft, moet elders betaald of ingeboet worden.

Vroeger kon je naar een rommelmarktje gaan en vond je daar leuke spulletjes voor een prijs die het voor beide partijen de moeite waard maakte. De stijging van de welvaart zit er ook voor iets tussen, maar het aanbod van keukengerei, kleding, boeken, meubels, … aan dumpingprijzen in de Kringwinkels heeft die markt van kleine mensen die graag iets ondernemen, – die om vier uur ’s morgens opstaan, hun aanhanger laden met waar en een ganse dag in de kou gaan staan en hard werken voor een extra zakcentje – volledig kapot gemaakt. Tien cent voor een drinkbeker? Je moet er honderd verkopen vooraleer je je standplaats terug verdiend hebt!

Fyfan Vegan 6 - Robin Hood in Reverse.jpg

Men mag van mij een vzw oprichten die materiaal ter beschikking stelt en de tweedehandsmarkt organiseert, maar dan moeten hun kosten, inclusief de liefdadigheid voor het personeel, wel uit hun werking komen. De prijzen zouden dan eerlijk gebleven zijn, de inzet van het personeel zou naar omhoog gaan en het luilekkerleventje van verwarmde winkels die open zijn van negen tot vijf zou uit zijn. Om maar te zwijgen van de voetafdruk die heel die organisatie met zich meebrengt, soms zou het gewoon beter zijn om spullen onmiddellijk tot grondstoffen te recycleren.

Opgelet, ik zit niet te wachten op de ondergang van de Kringwinkel, maar toch is die (zonder strategische herziening) onvermijdelijk. Vooraleer iets in de rekken belandt moet het immers door heel veel gretige handen. Het contrast tussen wat ik in de kringcontainer zie liggen en wat er uiteindelijk maar in de rekken komt is frappant. En dat raakt tenminste nog in de container. Indien het wordt opgehaald, zorgt de chauffeur wel eerst voor zichzelf. Door bijvoorbeeld een briefje “was niet thuis” in te vullen en ’s avonds de flatscreen voor zichzelf te gaan ophalen. Dat kan ik hem niet kwalijk nemen: eerlijkheid wordt zelden (rechtstreeks) beloond en bij het zien van decadentie is het als sukkelaar niet mogelijk om recht door zee te blijven, oftewel: te goed is half zot?!

Het Kringwinkel-cliënteel is er vaak niet omwille van principes en zeker nooit hoofdzakelijk uit principe. Gelukkig, want dat principe is ridicuul. Zo las ik in een tijdschrift over ecologische alternatieven voor kleren: “milieuvriendelijker en goedkoper kan ook in de Kringwinkel”. De ongefundeerde troep waarmee de geschreven pers hun magazines vult, zal hun ondergang ongetwijfeld versnellen. Dat T-shirt is nog altijd gemaakt van onverantwoord geproduceerd katoen door onderbetaalde slaven in een onveilige fabriek die quasi geen rekening houdt met milieunormen. Door het in de Kringwinkel te kopen betaal je er zelf nog minder voor, dus je bent geen haar beter. Je “wint” echter wel zelf. Dat is natuurlijk ook letterlijk wat de slogan “Wie kringt, die wint!” belooft. Ik had liever een bedrijfsmodel gezien dat zegt: “Wie kringt, die leeft en laat leven!”, de Kringwinkel doet dat niet. Een pijnlijke, jammere, betreurenswaardige, harde, … waarheid, maar daarom niet minder waarheid.

Die waarheid staat mijns inziens trouwens op gelijke hoogte met: ik ga het lijk toch opeten, want ik wil niet dat het dier voor niets gestorven is. Niemand zou zich beter voelen als iemand hem de keel oversnijdt maar daarna wel opgegeten wordt. Wel, de kip of koe ook niet. “Wie mee-eet, die moordt mee.” Het is niet de moord waar ik zo’n fundamenteel probleem mee heb, het gebrek aan verantwoordelijkheid en de oogkleppen zorgen voor onethische praktijken achter prikkeldraad. Die prikkeldraad staat er trouwens om de hypocriete buitenstaander te beschermen tegen zijn zwakte, niet om de mensen binnen de prikkeldraad te beschermen.

De zuinigste lamp is nog altijd de lamp die niet brandt. Een led verbruikt minder? Een zacht lopende kraan laat je open terwijl je geen water nodig hebt? Niets kopen is een goedkoper, ecologische alternatief!

De Kringwinkel-schenker doet het wel uit principe. Hij schenkt goederen weg die hij zich kon permitteren dankzij zijn riante loon maar niet echt nodig had én die hij kocht in ruil voor een slavenbestaan voor de producent. Vervolgens is hij die goederen als een klein kind onmiddellijk beu en vindt hij zichzelf nobel wanneer hij zijn broodkruimels aan mindergegoeden toewerpt. Jammer dat niemand dit zelfs maar lijkt te beseffen – laat staan opmerkt – maar als je steelt van de heel armen en teruggeeft aan de iets minder rijken dan ben je een soort Robin Hood in reverse.

Oh ja, mijn beste wensen voor 2018!

 

2 gedachten over “Robin Hood in Reverse

  1. One man’s trash is another man’s come up, zingt Macklemore. Hij vat de tijdsgeest in één zin samen. De tweedehandsmarkt is booming: mensen willen milieubewuster gaan leven en de makkelijkst denkbare manier om dat te doen, is door nieuwe rommel te vervangen door de rommel van een ander. Niks te consuminderen, niks te stoppen met shoppen, dankzij tweedehands ben je toch lekker eco-oké.

    Natuurlijk is het een pervers genot om in de Kringwinkel een paar laarzen voor vijf euro te kopen terwijl je je trots op de borst klopt dat je niet meedoet aan het vergroten van de afvalberg en een goede daad verricht voor mens en dier. Tuurlijk doe je er helemaal niks goeds mee.

    Vroeger was het beter, klinkt het dan. Vroeger herstelden mensen dingen die kapot waren en maakten ze hun spullen zelf. Aangezien het lange avonden werk kostte om een trui te breien, gooide je die niet weg vooraleer het tot op de draad versleten was. In datzelfde vroeger, echter, lag de rommel boven in de zolder, onder in de kelder, achter in de koterijen in de tuin. Afval was er ook, bij overvloed.

    Je hebt het in het voorbeeld over textiel. Het beste voorbeeld en ook bijna het enige voorbeeld waar je betoog op van toepassing is. Mensen sterven helaas en inboedels komen zo onvermijdelijk op straat te staan. Mensen verhuizen nu eenmaal en die twee meter brede kast kan jammer genoeg niet overal mee. Kinderen groeien nu eenmaal, dus bedden, speelgoed en ook kleren worden jammer genoeg te klein.

    Tuurlijk, we kunnen met ons ‘afval’ ook elders heen: er zijn weggeefgroepen, online community’s, rommelmarkten en al dan niet digitale marktplaatsen genoeg. Maar die hebben hun nadelen: je moet met mensen afspreken, je moet vraag en aanbod zelf bij elkaar brengen, je moet prijzen bepalen en je moet soms zelfs om 4 uur opstaan. Kringwinkels nemen die faciliterende rol van platform op zich: ze zorgen dat vraag en aanbod elkaar vinden, dat er een veilige, droge plek is waar je naartoe kan, waar mensen die het nodig hebben op een duidelijke plek en in een duidelijk concept met duidelijke regels goedkoop ‘spullenhulp’ vinden.

    Naar een afvalvrije, waste-free wereld? Een prachtige ambitie, een prachtige illusie. Zelfs als we allemaal zuiniger gaan omspringen met onze spullen, als we zoals vroeger inboedels van generatie op generatie doorgeven, als we de ware kostprijs van spullen beseffen en betalen, zal er afval blijven. En hoe beter van kwaliteit en hoe slaafvrijer dat afval wordt, hoe meer vraag naar én aanbod aan tweedehands (andermans afval) er zal blijven bestaan. Lang leve de kringwinkels!

    Like

    1. Jammer van je vlotte pen en intellect, want ik vraag me af of je mijn blog wel heb gelezen (niet snel gescand). Dan zou je gezien hebben dat ik voor een organisatie ben van een tweedehandsmarkt, enkel niet voor één die het oneerlijk, onrendabel en bijgevolg niet-ecologisch en niet-ecomisch strategieën gebruikt.

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s